Verbonden in klanken
Muziek, verwachtingen en onze gedeelde menselijkheid

Rond sessie vier of vijf in de compassietraining liet ik vaak onderstaand filmpje zien. Het raakt me nog steeds, iedere keer opnieuw. Het gaat over klank en verwachting, maar voor mij gaat het bovenal over verbondenheid en over onze gedeelde menselijkheid (een belangrijk onderdeel in de compassietraining).
Bobby McFerrin geeft in het filmpje een heel nieuwe dimensie aan het begrip ‘het publiek bespelen’… 😄, kijk maar en doe mee:
Je kunt er, zoals meestal, op meerdere manieren naar kijken. De neurologische manier is boeiend: welke neuronen schakelen, welke hersengebieden zijn actief? Hoewel heel interessant, het is voor mij niet het belangrijkste. Ik voel niet dat er neuronen vuren. Ik merk niets van de activiteiten die in mijn brein plaatsvinden.
Wat ik wel merk: het horen van de melodie brengt een soort herkenning met zich mee. Hij blijft hangen. Als ik het filmpje aan bekenden laat zien, herkennen zij, net als ik, het deuntje vaak als een soort oermelodie. En wat me ook opvalt: er is geen valse toon. Het gaat in één keer helemaal goed, en het klinkt ook nog eens ontspannen.
De pentatone schaal: muziek die iedereen al kent
Wat McFerrin gebruikt, is de pentatone toonladder: een toonladder met slechts vijf tonen (penta = 5). Dat klinkt eenvoudig, en eigenlijk is het dat ook. Deze eenvoud is tegelijk haar kracht.
De pentatone schaal bevat geen zogenaamde ‘spanning’-intervallen; de halve toonafstanden die in westerse muziek spanning en rust creëren. Daardoor klinkt pentatone muziek open, harmonisch en rustgevend. Er kan eigenlijk geen valse noot gespeeld worden: elke combinatie van de vijf tonen klinkt goed. Muzikanten noemen dit ook wel een ‘veilige’ schaal.
En het bijzondere is dat deze schaal in vrijwel elke cultuur op aarde opduikt, onafhankelijk van elkaar. Van de Schotse Hooglanden tot de Chinese klassieke muziek, van West-Afrikaanse klanken tot de blues, van Andesmuziek tot Japanse volksliederen – de pentatone schaal is overal.
Een universele muzikale taal
Hoe kan een toonladder zo universeel zijn? Muziekwetenschappers en cognitief wetenschappers denken dat een mogelijke verklaring is dat de pentatone schaal nauw aansluit bij de natuurlijke boventoonreeks – de akoestische structuur die ontstaat wanneer een toon klinkt. Onze oren en hersenen zijn van nature gevoelig voor deze verhoudingen. De pentatone schaal ‘past’ als het ware bij hoe wij mensen geluid waarnemen1.
Dat verklaart ook waarom kinderen over de hele wereld spontaan pentatone melodietjes zingen als ze spelen. Het is geen aangeleerde structuur, maar iets dat vanzelf naar boven komt. Neuropsycholoog Stefan Koelsch omschrijft het als een ‘biologische priming’ voor bepaalde muzikale patronen – een soort fabrieksinstelling.
McFerrin toont dit in zijn experiment op schitterende wijze. Hij geeft het publiek één toon, dan twee, en beweegt vervolgens naar een derde plek op het podium. Het publiek zingt de volgende toon – die ze nooit gehoord hebben – direct perfect mee. Niet alleen dit publiek: hij heeft dit experiment over de hele wereld gedaan, en het werkt altijd: “Every audience gets this”.
Natuurvolken en de kracht van gezamenlijke klank
Wie naar de muziek van inheemse volken luistert, valt iets op: muziek is daar zelden een individuele aangelegenheid. Bij de San-mensen van de Kalahari zijn genezingen soms collectieve zang- en danssessies die uren duren. Bij Aboriginal Australiërs verbindt de ‘songline’ generaties en landschappen met elkaar. In de Andes is muziek maken en zingen in groep een dagelijkse sociale bezigheid.
In al deze tradities heeft muziek een functie die verder gaat dan entertainment: het reguleert de groep. Het brengt mensen in een toestand van gedeelde aanwezigheid. Muziek als sociaal bindmiddel, als medium voor co-regulatie.
Het is opvallend dat veel van deze tradities gebruikmaken van – je raadt het al – pentatone of vergelijkbare eenvoudige toonstructuren. Ik geloof niet omdat men geen complexere muziek kan maken, maar vooral omdat deze klanken iets diepers raken, iets wat niet aangeleerd hoeft te worden.
Een polyvagale blik: veiligheid kun je horen
De polyvagaaltheorie van Stephen Porges biedt een interessante lens om dit te begrijpen. Ons zenuwstelsel is – zo stelt de theorie – voortdurend op zoek naar signalen van veiligheid of gevaar. Dat doet het niet alleen via zicht of reuk, maar ook via geluid. Porges noemt dit neuroceptie: een onbewuste scanning van de omgeving. Sterker nog: geluid (“akoestische stimuli”) schijnt voor een veilige neuroceptie van heel groot belang te zijn.
Als sociale zoogdieren zijn we specifiek gevoelig voor vocale signalen in een bepaald frequentiebereik; het bereik van de menselijke stem, van zogenaamd prosodische, melodieuze communicatie. Wanneer ons zenuwstelsel dergelijke geluiden oppikt, interpreteert het dat als een signaal van veiligheid. Het ventrale vagale systeem – het systeem dat sociale verbinding en ontspanning mogelijk maakt – komt online.
Pentatone muziek past opmerkelijk goed in dit plaatje. De zachte, harmonieuze intervallen, de afwezigheid van scherpe dissonanten, het ritmische en melodieuze karakter, het zijn precies de kenmerken die ons zenuwstelsel als ‘veilig’ herkent.
En er is meer. Wanneer mensen samen muziek maken – en zeker wanneer ze samen zingen – synchroniseren niet alleen hun stemmen, maar ook hun fysiologie. Hartritme, ademhaling en zelfs autonome activering gaan in de richting van gelijkschakeling. Co-regulatie via klank. Precies wat je in die zaal bij McFerrin hoort: een heel publiek dat zonder oefening samen iets moois neerzet en hoorbaar geniet.
Meer dan 99,99% gelijk
We zijn genetisch voor 99,99% gelijk aan elkaar. We hebben allemaal een brein dat min of meer hetzelfde werkt. En we hebben, zo suggereert McFerrins experiment, misschien ook een gedeelde muzikale intuïtie die cultuur, taal en tijd overstijgt.
Dat is een mooie gedachte en het raakt aan iets fundamenteels: muziek is geen luxe, geen bijzaak. Nee, het is een van de oudste en krachtigste middelen die mensen hebben om zich tot elkaar te verhouden, om samen te reguleren, om veiligheid te signaleren en te ontvangen.
Misschien onderschatten we het belang van muziek voor ons welzijn. In het onderwijs, in de zorg, in ons dagelijks leven. Terwijl het antwoord blijkbaar eenvoudiger is dan we denken: vijf tonen, een zaal vol vreemden, en de herkenning dat we, diep van binnen, hetzelfde zijn.
Als je dit artikel lezenswaardig vond en (nog) geen betaald abonnement wilt, mag je me ook ondersteunen door me te trakteren op een cappuccino!
Een mooie quote van Leonard Bernstein: “The universality of this scale is so well known that I’m sure you could give me examples of it from all corners of the earth—from Scotland, from China, from Africa, from American Indian cultures, from East Indian cultures, from Central and South America, Australia, Finland... that is a true musico-linguistic universal.”

